De turbo of turbocharger maakt gebruik van de uitlaatgassen van de motor om meer vermogen te leveren. De uitlaatgassen passeren een turbine, die daardoor begint te draaien en zo druk opbouwt. Deze onder druk gezette lucht wordt naar de cilinders geleid. Door extra lucht en brandstof in de cilinders te brengen, kan de wagen meer kracht ontwikkelen.